Ronde van Vlaanderen op de gravelbike

De Ronde van Vlaanderen voor wielertoeristen staat bij veel fietsers op de bucketlist. Wij gingen de uitdaging aan, maar niet met de klassieke koersfiets, wel met onze gravelbike.  

De 34ste editie van de Ronde voor wielertoeristen bracht maar liefst 13.940 enthousiaste deelnemers aan de start, verspreid over afstanden van 79, 133, 163 en 247 kilometer. Het internationale publiek weerklinkt in verschillende talen, wat meteen een zekere sfeer en verbondenheid creëert. Wij kozen voor de volledige afstand, goed voor zestien beklimmingen en ruim 2.100 hoogtemeters. Het parcours loodste ons langs iconische hellingen zoals de Eikenberg, Taaienberg, Koppenberg, Oude Kwaremont en Paterberg, met zelfs een uitstap richting de Muur van Geraardsbergen, een klim die de profs tegenwoordig niet meer aandoen.

Onze keuze voor de gravelbike was allesbehalve overbodig. De combinatie van kasseien, slecht asfalt en betonplaten in de Vlaamse Ardennen maakt het parcours behoorlijk ruw. Het extra comfort en bredere banden van de gravelbike zorgden niet alleen voor minder belasting op lichaam en materiaal, maar verkleinden ook de kans op lek rijden. Hoewel we merkten dat de meeste deelnemers nog steeds met de koersfiets rijden, verkiezen wij duidelijk zekerheid en rijcomfort boven die paar watt winst en aerodynamica.

De bevoorrading onderweg was goed georganiseerd, met ongeveer elke 50 kilometer een stop. Toch vonden we het aanbod aan sportvoeding wat karig: per bevoorrading kreeg je slechts één gel of reep sportvoeding van 226ERS. Gezien het inschrijvingsgeld van ongeveer 100 euro voor de langste afstand, mocht dat wat ons betreft iets royaler. Gelukkig waren er voldoende klassieke snacks zoals suikerwafels, maar voor wie echt op sportvoeding rekent, is zelf voorzien geen overbodige luxe.

Het weer zat gelukkig mee. Er stond wel wat wind, maar buiten vijf minuten lichte regen bleef het droog en aangenaam van temperatuur, ideaal fietsweer dus.

De organisatie zorgde voor een goed afgezet parcours, met duidelijke aanwijzingen en vele seingevers die de hele dag paraat staan. De aankomst onder de officiële aankomstboog zorgt ongetwijfeld voor een grote meerwaarde. Wat veel deelnemers echter niet beseffen, is dat het parcours niet identiek is aan dat van de profs. Logisch ook, want de grote banen en lussen in Oudenaarde zijn moeilijk te vertalen naar een recreatief event. De volgorde van de hellingen verschilt en sommige beklimmingen ontbreken, terwijl andere, zoals de Muur, net toegevoegd worden.

Een minpunt blijft de drukte op smalle en steile hellingen zoals de Koppenberg en Paterberg. Het aanschuiven en zelfs verplicht afstappen door opstoppingen blijft een domper op de toertocht. Ook wij moesten even voet aan grond zetten, simpelweg omdat het parcours geblokkeerd werd door andere renners.

Conclusie
De Ronde van Vlaanderen voor wielertoeristen is zonder twijfel een unieke ervaring die elke fietsliefhebber eens gedaan moet hebben. Onze keuze voor de gravelbike is een meerwaarde en verhoogde het comfort aanzienlijk. Toch zorgen de drukte en de prijs ervoor dat dit voor ons geen blijver is.

Vorige
Vorige

GETEST - Scicon Aeroshade 2.0 Titanium: De bril van Tadej Pogačar

Volgende
Volgende

GETEST - CORE 2 temperatuursensor